Steinerpedagogie

Onderwijs ten dienste van de persoonlijkheidsontwikkeling

Op de steinerschool leren kinderen rekenen en schrijven, leren ze omgaan met de computer, krijgen ze les in vreemde talen, in aardrijkskunde en geschiedenis. Ze krijgen vakken als wiskunde, scheikunde en biologie. Hiermee leggen ze een basis voor hun toegang tot hoger onderwijs en beroepsvoorbereiding. Op de steinerschool wordt daarnaast een ruime waaier van kunstzinnige en ambachtelijke vakken aangeboden: schilderen, muziek, toneel, handenarbeid en euritmie (bewegingskunst) stimuleren de creativiteit maar bevorderen ook een brede en evenwichtige persoonlijkheidsontwikkeling.

En dat is wat de steinerpedagogie wil doen: ten dienste staan van deze persoonlijkheidsvorming, inclusief ook de sociale vorming. Doel is dat de leerling zich evenwichtig en vrij ontplooit. Een harmonieuze ontwikkeling van hoofd (verstand), hart (gevoel) en handen (daad- en scheppingskracht) staat voorop.

Ontwikkelingsfasen

Om dit te kunnen doen, houdt het onderwijs rekening met de ontwikkelings- en levensfasen van de mens die schematisch zijn in te delen in perioden van telkens zeven jaar. Elke fase heeft zijn specifieke wetmatigheden, kwaliteiten en vermogens. Die vragen een aangepaste aanpak (zowel binnen opvoeding als onderwijs) voor een optimale ontwikkeling. Tegelijk wordt ook gekeken naar wat nodig is voor elk kind specifiek.

  • In de eerste periode van 0 tot 7 jaar (kleuterschool) ligt de nadruk vooral op de ontwikkeling van de motoriek.
  • In tweede periode van 7 tot 14 jaar (lagere school) stimuleren leraren meer de ontwikkeling van het gevoelsleven.
  • In de derde periode van 14 tot 21 jaar (middelbare school) krijgt vooral de ontwikkeling van een onbevooroordeeld denk- en oordeelsvermogen aandacht.

Opvoeding en onderwijs leggen zo mee de basis voor innerlijke vrijheid, verantwoordelijkheid en moraliteit.

Persoonlijke ontwikkeling van het kind

Centraal staat de persoonlijke ontwikkeling van elk individueel kind. De ontplooiing van zijn sociale, kunstzinnige en ambachtelijke vaardigheden is daarin even belangrijk als de ontwikkeling van zijn denken. De leraar ziet het kind als een mens met eigen talent, een eigen voorgeschiedenis en individualiteit. Het is voor hem de kunst om te herkennen wat kinderen aan verborgen levensopdrachten met zich meebrengen en een klimaat te scheppen waarin kinderen zich kunnen ontplooien.

Stimuleren om te blijven leren

Algemeen gesproken is onderwijs erop gericht om kinderen kennis en vaardigheden aan te leren zodat het later goed voorbereid kan deelnemen aan de maatschappij. Omdat echter niet te voorspellen valt hoe die maatschappij er in de toekomst uit zal zien, focussen de steinerscholen op eigenschappen die voor de leerling van belang zijn om zich later blijvend te willen en te kunnen ontwikkelen. Het leerplan van de steinerscholen is zo opgebouwd dat alle vakken in hun onderlinge samenhang deze ontwikkeling ondersteunen. Intellectueel, creatief, ambachtelijk en sociaal wordt het kind uitgedaagd om zijn persoonlijkheid te ontplooien. Leerstof is daarbij altijd middel en ontwikkeling het doel.